Erfelijke Aandoeningen
 
Oogaandoeningen

Omdat honden een nauw oogcontact met mensen onderhouden, zullen veranderingen aan de ogen tengevolge van beschadigingen, ziekten of infecties, meestal direct opvallen.

Uitvloeiingen en ontstekingen zijn algemene oogproblemen. De hond kan zelfs met zijn poot in zijn oog wrijven door de jeuk. Daardoor kunnen weer verdere beschadigingen optreden, vooral bij rassen met bolle ogen zoals Pekinezen.

Veranderingen in het oog zijn moeilijker vast te stellen. Sommige oogproblemen zijn erfelijk en kunnen zelfs blindheid veroorzaken, zoals PRA (progressieve retina-atrofie). Andere inwendige oogproblemen verwijzen soms naar ziekten elders in het lichaam. Raadpleeg altijd onmiddellijk een dierenarts als uw hond problemen met zijn ogen heeft.

Het zicht van de hond
Het gezicht van de hond is vooral gevoelig voor 'bewegingen'. Voorwerpen op afstand ziet hij relatief goed, maar zijn zicht van dichtbij is 'slecht'. Dit verklaart waarom een hond in een onbekende omgeving ergens tegenloopt, of iets wat je hem voor de neus legt gewoon niet ziet.

Dit komt grotendeels door de plaatsing van de ogen in het hoofd. Die verschilt naargelang het soort hond, zoals bij waak- en verdedigingshonden, waar de ogen meer langs de zijkant staan. Zo kunnen zij zijwaarts heel goed zien, maar kunnen minder goed afstanden inschatten.

Veel mensen denken dat de hond 'kleurenblind' is, maar niets is minder waar. Onderzoeken wezen uit dat de hond wel degelijk kleuren kan onderscheiden, maar dat het hem in feite niet interesseert.

Het oog van de hond
Licht passeert eerst het oogoppervlak of het hoornvlies en dan de lens, waarbij het op de lichtgevoelige laag of retina wordt gericht. Hier ontstaan zenuwprikkels die vervolgens de hersenen bereiken, waar het waarnemingsbeeld wordt gevormd. De retina van de hond heeft extra cellen zodat hij ook bij weinig licht goed kan zien.

is een initiatief van de Raad van Beheer